De Canadien

Het Canadees Monument 'De Canadien'

Inleiding:

De ‘Canadien’, zoals hij in de volksmond genoemd wordt, staat aan het Keerselare-kruispunt (‘ Vancouver Corner’) van de Brugseweg en Zonnebekestraat te St.-Juliaan.

Het beeld mag terecht één van de mooiste. monumenten uit de frontstreek genoemd worden Het staat in een park met rozen en coniferen die de vorm hebben van een obus en de grond waar ze instaan is Canadees.Hetbeeld zelf staat op een vierkant plateau met aan elke zijde een boogvormige uitsprong. Een witgranieten zuil van ruim 10 meter hoog, met bovenaan het borstbeeld van een gehelmde Canadese militair die lijkt na te denken over het lot van zijn gesneuvelde vrienden. Hij staat met een gebogen hoofd gericht naar de plaats vanwaar op 22 april 1915 de chloorgas- wolk kwam aandrijven. Zijn gevouwen handen rusten op een omgekeerd geweer: de kolf naar boven, de loop in de grond. Deze houding ‘Arms Reserved’ is de traditionele militaire groet aan de gesneuvelden. Vooraan op de zuil staat in grote letters ‘CANADA’Aan de zijkanten van de zuil zijn panelen aangebracht met opschriften in het Engels en het Frans die een bondige samenvatting zijn van de Canadese bijdrage tijdens de tweede slag om Ieper: ‘Deze kolom wijst het slagveld aan waar 18.000 Canadezen aan de Britse linkerflank standhielden tegen de eerste Duitse gasaanvallen van 22-24 april 1915. Tweeduizend vielen er toen en liggen in de omgeving begraven’. Het opschrift ‘…fell and lie buried here’ is wat misleidend want de gesneuvelden liggen begraven op de Britse begraafplaatsen en niet, zoals dikwijls aangenomen wordt onder het gedenkteken.
Het gedenkteken kreeg ook veel hoog bezoek, zoals Queen Elisabeth en haar man Prins Philip uit het Verenigd Koninkrijk(22 april 1966), ambassadeurs uit een 10-tal verschillende landen met de Belgische minister van Buitenlandse zaken Derycke(22 april 1995). Jaarlijks komen er nu nog Canadese en andere delegaties van oudstrijders waarbij de Vrije Basisschool van St.-Juliaan helpt de plechtigheid opluisteren bv. Met een lied, duiven,… . Een weet je, in Canada bestaat er een gelijkaardig maar een kleiner monument als dat van de Canadien.

 

 

In de vroege morgen van 24 april 1915, tijdens de Tweede Slag bij Ieper, kwam het British Columbia Regiment onder hevig vuur te liggen bij Keerselare. Toen de vijand door de vuurlinie brak, konden Lt. Bellew en Sgt. Peerless met een mitrailleur de tegenstanders ophouden. Sergeant Peerless kwam om, Lt. Bellew werd zwaargewond. Hij bleef doorstrijden tot zijn munitie op was, daarna maakte hij zijn machine-gun onklaar waarna hij krijgsgevangen werd genomen. Voor zijn heldendaad kreeg hij het Victoria Cross, de grootste militaire onderscheiding.

 

De plaatsing van de gedenkplaat kwam er op initiatief van The British Columbia Regimental Association. Vertegenwoordigers van het BCR maakten in die periode een rondreis door Europa om gedenkplaten te onthullen op plaatsen waar hun regiment een belangrijke rol speelde tijdens de Eerste of de Tweede Wereldoorlog.

 

 

Extra Informatie:

Beschrijving Locatie
Gelegen langs de Brugseweg, ter hoogte van het kruispunt Kerselare met de Zonnebekestraat. Het monument ligt een 800m ten NO van de kerk van St.-Juliaan. De omgeving is licht glooiiend en bestaat uit weiden en bebouwing.

Beschrijving Relict
Speciaal daartoe aangelegd park omgeven door een haag, met groenaanplanting en met twee elkaar kruisende wegen met zitbanken en een cirkelvormig pad rond het monument. De toegangsmuur springt in met concave zijden en heeft twee hoge hoekpalen. In het midden staat een min of meer vierkant verhoog uit hardsteen met gedeeltelijk gebogen zijden. Hierop de aanduiding van de oriëntatiepunten. Op het verhoog staat een grote rechthoekige naar boven toe versmallende zuil uit witte granieten blokken. De zuil eindigt bovenaan in de buste van een Canadese soldaat, met gebogen hoofd, de handen gevouwen over een naar beneden gericht geweer. Op de zuil, in hoofdletters: op de voorkant uitgehouwen in vlakreliëf 'Canada'; op de linkerkant 'Ici les 22-24 Avril 1915 dix-huit mille Canadiens du flanc gauche britannique résistèrent victorieusement aux premières attaques de gaz des Allemands 2,000 d'entre eux glorieusement tombés reposent près de cette colonne'; op de rechterkant 'This column marks the battlefield where 18,000 Canadians on the British left withstood the first German gas attacks the 22-24 April 1915 2,000 fell and lie buried nearby', met puntjes tussen de woorden. Op het hardstenen verhoog zijn oriëntatiepunten met pijlen aangebracht, uitgevoerd in brons, v.l.n.r.: 'Ypres Hooge Zonnebeke Passchendaele Poelcapelle Langemarck Boesinghe'. Achter het monument bevindt zich een hardstenen sokkel met het kastje voor het 'Registre des visiteurs Visitors book'. Uitvoering: Fred. Chapman Clemeshaw, Regina, Saskatchewan (ontwerper) H. 1199 cm (t.o.v. de straat) x Br. 6455 cm x D. 17600 cm

Historische Achtergrond
Toen de Eerste Slag bij Ieper gestreden was (18 oktober – 22 november 1914) hadden de Duitse troepen zich op de hoger gelegen gebieden in een wijde boog omheen Ieper ingegraven. Na de eerste oorlogswinter wilde de Duitse legerleiding de patstelling doorbreken door de inzet met een nieuw wapen: gas. Zowel op het oostelijke als op het noordelijke deel van de Ieperboog werden cilinders met chloorgas ingegraven door de “Stinkpioniere”, een bijnaam voor de speciaal opgeleide Duitse genietroepen voor het gas. Op 22 april 1915, om 17u, toen de wind uit het N. kwam, werden de ventieltjes van zo'n 5000 cilinders opengezet tussen Schreyboom (halfweg tussen Langemark en Poelkapelle) en Steenstrate. De beschaving maakte voor het eerst kennis met chemische oorlogvoering… De frontbezetting aan geallieerde zijde zag er vóór de gasaanval als volgt uit: ten N. van de brug van Steenstrate lag de Belgische 6de legerdivisie langs de westelijke kanaaloever. Tussen Steenstrate tot ten N. van Langemark lag de 87ste Franse Territoriale Divisie (die bestond uit oudere reserve-soldaten, de zogenaamde “Pépères”); aansluitend tot aan de Brugseweg ten Z. van Poelkapelle lag de 45ste Algerijnse Divisie (ook wel “les Joyeux” genoemd). Vanaf de Brugseweg lag de Canadese 1ste Divisie tot aan 's Graventafel, waar Britse divisies (respectievelijk 28ste, 27ste en 5de Divisie) het front overnamen. Tegenover deze eenheden lagen de Duitse troepen, die veel sterker in getale waren: tegenover de Belgen lag de 45ste Reserve Divisie; tegenover de 2 Franse divisies lagen de 46ste, 52ste en 51ste Reserve Divisie, met de 4de Marinebrigade in reserve; tegenover de Canadezen lagen de 2de Reserve Ersatz Brigade en de 38ste Landwehr Brigade, met de 37ste Landwehr Brigade in reserve. Tegenover de Britten tenslotte lagen respectievelijk de 53ste en 54ste Reserve Divisies, de 39ste en 30ste Infanteriedivisies en de 3de Beierse Divisie. Vooral de 2 Franse divisies zouden de gaswolk over zich heen krijgen. Velen stikten in de eerste lijn, anderen vluchtten in paniek weg. De chaos was compleet. Beschermd met “Riechpäkchen” tegen het chloorgas trokken de Duitsers 15 minuten na het loslaten van het gas ten aanval. Ze trokken op tot de hoogte van Pilkem en het bos ten Z.W. van Sint-Juliaan (Kitchener's Wood). Op enkele uren tijd was een kilometerslange bres geslagen in de geallieerde verdediging. Die avond groeven de Duitse troepen zich echter in, wat tactisch gezien een kapitale fout zou betekenen, althans vanuit Duits standpunt: Ieper lag die avond namelijk voor het grijpen… Na de gasaanval zou hevig gevochten worden in de omgeving van Steenstrate. De Belgische grenadiers poogden er de Duitse aanvallen tegen te houden. Niettemin slaagden de Duitsers erin het Kanaal Ieper-Ijzer over te steken. Op 24 april veroverden de Duitsers het gehucht Lizerne en ze stootten door richting Zuidschote. Uiteindelijk zouden Franse troepen, met de hulp van Belgische artillerie, erin slagen het gehucht Lizerne te heroveren op 27 april. Midden mei werden de Duitsers over het Kanaal teruggedreven. Rechts, bij Sint-Juliaan, waren het de onervaren Canadezen van de 1st Division die op hun flank de aanvallende Duitsers het hoofd moesten bieden. Van 22 tot 27 april vonden er hevige gevechten plaats. Na die eerste gasaanval werd de hele nacht in blinde paniek gevochten. Er was een groot tekort aan mankracht, artillerie en communicatie met de bevelhebbers. Sommige Canadese eenheden konden door hun flinke weerstand de Duitse opmars aanzienlijk vertragen. Bovendien ondernamen enkele bataljons (het 10de en 16de) nog dezelfde nacht een tegenaanval, om Kitchener's Wood te heroveren.

Weldra werden de Canadezen bijgestaan door haastig bijgehaalde troepen: de Indische Lahoredivisie, Britse bataljons die in reserve van het front bij Ieper lagen (Geddes Brigade), een Marokkaanse brigade, de 1ste Britse Territoriale Divisie (50th Northumbrian), de beroepssoldaten van de 4de Divisie en de elitetroepen uit de 3de Cavaleriedivisie. Op 23 april werden vooral door Britten en Canadezen (1st en 4th) pogingen ondernomen tot tegenaanvallen, die vooral veel gewonden en een vertraging van de Duitse opmars tot gevolg hadden. Op 24 april losten de Duitsers voor een tweede keer gas, over een breedte van 1km in Z.O.-richting vanaf de Brugseweg, ten N.O. van St.-Juliaan, richting Canadees front. Voornamelijk de artillerie moest voor de verdediging zorgen, want opnieuw was het probleem mankracht, bewapening en communicatie. Uiteindelijk, op 25 april, konden de Duitsers Sint-Juliaan veroveren op de Canadezen. Van 22 tot en met 24 april verloren de Canadezen 1/3 van hun militairen, ca. 6000 van hun snel getrainde militairen. Daarvan waren 1000 doden, veelal onder de infanterie. Meer dan 3000 verliezen waren van 24 april. 'Slechts' 228 mannen stierven direct door het gas. De Canadezen werden op 3 mei afgelost door Britten. Het monument ter herinnering aan de rol van de Canadezen tijdens de Tweede Slag bij Ieper, werd onthuld op 8 juli 1923 in aanwezigheid van de hertog van Connaught (broer van de Britse koning), prins Leopold van België en Maarschalk Ferdinand Foch. De ontwerper Fred. Chapman Clemeshaw uit Regina maakte indertijd eveneens deel uit van het Canadese expeditieleger in Frankrijk. De tuin rond het monument was oorspronkelijk uitsluitend opgebouwd uit Canadese aarde en planten. De grote struiken met hun scherpe toppen stellen obussen voor, de juniperusstruiken granaattrechters. De 'Canadien' staat met zijn hoofd gericht naar de plaats van waar de gaswolk kwam aandrijven. Zijn houding ('rest on your arms reversed') is de traditionele militaire groet aan de doden. De plaatsen die worden aangegeven door de oriëntatiepijlen, zijn allen plaatsen met een bijzondere betekenis in de slag van de gasaanvallen. De gesneuvelde Canadezen waarnaar verwezen wordt, liggen begraven op de Britse militaire begraafplaatsen in de omgeving. De Belgische staat heeft het terrein van het monument aan het Gemenebest geschonken. Tijdens WOI werd dit kruispunt, Keerselaar in de volksmond, ook wel 'Vancouver Corner' of 'Vancouver Cross Roads' genoemd, naar de Canadese stad.